Gecategoriseerd | Mart van Marrewijk

ik herinner mij 3

Geplaatst op 07 maart 2010 door Mart van Marrewijk


Het grote gezin van Jan van Marrewijk bleef niet gespaard van ziekten en sterfgevallen. Een zware griepepidemie trof ook ons land en de jongere zus Bertha werd het slachtoffer. Op vijfjarige leeftijd overleed zij aan de gevolgen van de griep. In mijn herinneringen zie ik nog in de voorkamer een foto in grijsbruin van een jong meisje, die mij als acht- of tienjarige altijd erg intrigeerde (54).

Met een overlijden werd in het begin van de twintigste eeuw anders omgegaan dan nu. Het was veel meer een sociaal gebeuren, waar zo veel mogelijk mensen, ook de kinderen, bij betrokken werden. Niets geen �verborgen houden� voor de tere kinderziel, neen, met z�n allen toog men naar het sterfhuis en werd onthaald op chocola en koekjes en iedereen wierp een blik op de overledene. Zulke tochten gingen wel altijd te voet.

Nadat de rookwolken van het Belgische slagveld waren opgetrokken, kwam de aandrang om georganiseerd te zijn in alle lagen van de samenleving naar boven. Ook de Heulse jeugd raakte besmet door Adolf Kolping�s culturele en maatschappelijke beweging.

Bert sloot zich hier met overgave bij aan en ging leiding geven aan de in 1928 zo’n 120 mannen tellende club. Als ik Bert nu – in 2001 – nog “Lucifer” van Joost van den Vondel hoor declameren of uit het hoofd geleerde gedichten door de kamer hoor schallen55, dan wordt duidelijk hoe belangrijk deze beweging voor zijn culturele vorming is geweest. Jaarlijks was er een toneeluitvoering in iedere plaats in de omgeving. Bert ging vooral graag naar Den Haag, omdat het peil van de stukken daar hoogstaander was.

Van de geestelijk adviseur van de vereniging kregen ze een Jozefbeeld, dat op vergaderingen en bijeenkomsten een prominente plaats had. De standplaats van het beeld was echter wat wankel en een biljarter stootte op een keer de heilige Jozef met zijn keu aan scherven. Grote paniek! Een collecte onder de leden bracht zeventig gulden in het laatje, een heel bedrag in die tijd.Maar nog lang niet voldoende om een gelijkwaardig beeld op de kop te tikken. Goede raad was duur, en de vrees voor de toorn des pastoors nog groter.

Bert wist wel een oplossing en trotseerde de winterkou om sloten te baggeren, niet alleen de eigen sloten, maar ook de vaarten van de buren en aangelanden ging hij met zijn baggerbeugel te lijf. Na 2 weken had hij 30 vrachten bagger aan wal gebracht. Dat leverde hem de lieve som van 31 gulden op. Die gebruikte hij, met de eerder gevangen zeventig, voor de aanschaf van een nieuw beeld. Als dank voor de gedane inspanningen en inzet wist de pastoor slechts op te merken: “Ik vond dat andere beeld mooier”.

Hoewel het huwelijk meestal het einde betekende van het lidmaatschap van de gezellenvereniging, bleef Bert na zijn trouwen in 1935 nog enkele jaren de bondsvergaderingen bezoeken, die in Leiden werden gehouden. Op de fiets �s avonds naar Leiden en ook weer terug. Omdat rangen en standen in die jaren nog een belangrijke plaats innamen, vonden de geestelijk leiders het wenselijk dat ook de Heulse vereniging onderscheid aan ging brengen. Dus: middenstanders bij elkaar, arbeiders, en boeren en tuinders, ieder in een eigen vereniging. Dat was zeker niet het idee van Bert en heel fel heeft hij daar verklaard dat daarvan in Kwintsheul geen sprake van kon zijn. En inderdaad, het is ook niet gebeurd. Na de oorlog werd de vereniging omgevormd tot de NKJB, de Nederlandse Katholieke Jongeren Beweging.

Uit: Ik herinner mij van Bert van Marrewijk

©Mart van Marrewijk

Voetnoot:
54 Als ik me niet vergis heeft Pa ooit verteld dat er maar één foto bestaat waarop Bertha voorkomt. Deze is in
dit boekje opgenomen. De foto waar Mart op doelt is daarvan waarschijnlijk een uitvergroting geweest.

Mart van Marrewijk

Over

(1941) geboren als vierde zoon in een groot gezin waar poëzie hem met de paplepel werd ingegoten. Opa Jan was in 1895 al Columnist voor een krant, de Maas en Westerbode en schreef daar gedichten in op sociaal en politiek vlak. Zijn vader en veel ooms en tantes dichten en rijmden hun hele leven.

Zelf was hij al vroeg gaan schrijven en dichten vanaf zijn 15e jaar ongeveer. Maar dit bleef in de familie. Na zijn lange leven als amateur topsporter en kweker om den brode heeft hij sinds 2003 het schrijven wat serieuzer genomen en toen zijn vader op zevenennegentigjarige leeftijd zijn boek "Ik Herinner Mij" uitgaf, besloot hij daar een vervolg op te gaan schrijven.

Aanvankelijk werkte hij alleen in opdracht voor Monumentendag e.d. Later luisterde hij met zijn voordrachten menig evenement van onze vereniging op.

Lees alle berichten van:

Geen reacties toegestaan.

Onze Sponsoren-Partners

OPMERKING:

Alle Proza en Poezië op deze site is auteursrechtelijk beschermd, en mag alleen met schriftelijke toestemming van de auteur elders gepubliceerd worden.

LIKE ONS OP FACEBOOK:

Laatst toegevoegde uitgave

  • De Rattenbende

    De Rattenbende

    Dit spannende verhaal speelt zich af in een klein dorp. We maken­ kennis met “SPEKMANS VLEESWARENFA­BRIEK’ en het “­PROEFDIERENLABORATORIUM’, waarvan Professor Rommelhaar­ de baas is. …Bekijk alle details
  • Liefde en ongemak

    Liefde en ongemak

    De titel Liefde en ongemak kenmerkt de denk- en werkwijze van Alleblas. Hij is constant op zoek naar tegenstellingen en dissonanten. Pure liefde en twijfels …Bekijk alle details

Bestsellers:

Evenementen

Nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van de laatste nieuwtjes , meld u hier aan dan ontvangt u
1 x per maand onze nieuwsbrief.
* = verplicht veld

Optreden Streekdichter

  • Geen evenementen